Contact
Projectnummer
Loginnaam
Wachtwoord

Introductie

WINDTURBINEGELUID bewaken met de Lden-monitor

Met de komst van het nieuwe Activiteitenbesluit (2011) zijn er inzake windturbinegeluid een aantal nieuwe regels van toepassing geworden. De belangrijkste wijziging bestaat uit de toepassing van de nieuwe beoordelingsgrootheid Lden. Deze waarde wordt niet alleen bepaald door de geluidemissie van de windturbine zelf, maar ook door de opgetreden windsnelheden gedurende het jaar. Door LBP|SIGHT is ten behoeve van haar klanten in de windturbinesector een geautomatiseerd systeem van bewaking en monitoring ontwikkeld, waarmee op eenvoudige wijze voldaan kan worden aan de wettelijke registratieverplichtingen.

Wettelijk kader

Eisen en verplichtingen

Het "Besluit algemene regels voor inrichtingen milieubeheer" (Activiteitenbesluit milieubeheer) geeft wettelijke voorschriften inzake de vooraf op te stellen geluidprognose van een windturbine en/of windpark. Na ingebruikname dient altijd voldaan te worden aan de grenswaarden van 47 dB voor het Lden en 41 dB voor het Lnight. Verder dienen nog de nodige operationele gegevens verzameld en bewaard te worden, waarmee de emissieterm LE bepaald kan worden, gebaseerd op de effectieve werking van het afgelopen kalenderjaar, zie: "Regeling algemene regels voor inrichtingen milieubeheer" (Activiteitenregeling milieubeheer) artikel 3.14e lid a.

Compliance

Compliance

Het bovenstaande geeft de verplichting om jaarlijks op basis van de effectieve werking van het windpark de emissieterm te bepalen en vast te leggen. Aangezien deze gegevens minimaal 5 jaar ter beschikking dienen te blijven (zie “Activiteitenbesluit milieubeheer” artikel 3.15 lid 2), leent dit zich bij uitstek voor verdere automatisering. LBP|SIGHT heeft hiertoe de website http://www.windturbinegeluid.nl ontwikkeld, die de voor de geluidemissie relevante gegevens automatisch te verzamelen en verwerken. Belangrijk voordeel hierbij is dat er dan geen jaarlijks initiatief nodig is om (vaak met terugwerkende kracht) aan de wettelijke verplichtingen te voldoen (nog buiten de kostenvoordelen).

Windturbinegeluid.nl

Uw eigen website

Specifiek voor uw windpark(-en) wordt een website opgebouwd, waarmee u direct alle noodzakelijke gegevens van dit en de voorgaande jaren op kunt vragen.

Emissieterm LE

Emmissieterm van Dag, Avond en Nacht


De emissieterm LE betreft een jaargemiddelde waarde. We laten in de grafiek zien hoe deze door het jaar oploopt, door ieder etmaal de dag-, avond- en nachtbijdrage afzonderlijk in rekening te brengen. Door hierbij een logaritmische Y-as te nemen, zal de Emissieterm bij gelijke windcondities lineair toenemen totdat aan het einde van het kalenderjaar de definitief te beoordelen waarde bereikt wordt.
In de grafiek is een prognoselijn opgenomen welke in rechte lijn doorloopt vanaf de eerste dag, door de laatst geregistreerde dag, tot en met 31 december waarop uiteindelijk de definitieve waarde van de LE vastgesteld zal worden.

Prognose

Emmissieterm + prognose maximum LE


Op dit moment is een prognosemodule als optionele uitbreiding in ontwikkeling. Hiermee kunnen dan van één of meerdere windturbines specifieke geluidreducerende maatregelen (zoals een gedeeltelijke stilstandsregeling, of afwijkende Noise-curve gedurende bijv. de nachtperiode) ingesteld worden. In deze figuur is al een prognosewaarde opgenomen gebaseerd op de MAXIMALE geluidemissie gedurende 24/7.
Eventuele ontbrekende dagen worden gemarkeerd met "geel", zodat in één oogopslag een eerste controle uitgevoerd kan worden. Verder is in deze (en de vorige) figuur ter tweede controle ook de totale opbrengst aangegeven.

Geluidcontouren

Lden-geluidcontouren


Per woning kun je Lden-waarde bepalen (zie laatste grafiek), en dus ook van allerlei rasterpunten in de omgeving. Optioneel kan voor complexe projecten op deze wijze ook een online contourenplotter geactiveerd worden. Deze past zich direct aan bij de selectie van één of meerder windturbines.
De nauwkeurigheid bij de woning is exact overeenkomstig de officieel berekende waarden, doordat ook de immissiepunten bij de woningen als rasterpunten opgenomen (kunnen) zijn.

Invoergegevens

Invoergegevens: bronsterkte-windsnelheid-curve


Deze grafiek geeft een presentatie van de ingevoerde waarden. Zoals in dit voorbeeld zichtbaar kunnen er voor de avond- of nachtperiode afwijkende curves ingevoerd worden ("Noise- modes").
Door het jaar heen kunnen eveneens andere Bronsterkte- en P-v-curves ingevoerd worden. Voor elke curve wordt een begindatum ingevoerd vanaf waar deze van kracht wordt.

Vermogenscurve

P-v curve: Vermogen t.o.v. windsnelheid


Bij het vaststellen van de geluidemissie per windsnelheid, wordt deze laatste bij voorkeur (vanwege de nauwkeurigheid) afgeleid van uit de gegarandeerde P-v-curve. Indien echter de windsnelheid op ashoogte (op de gondel) ook ter beschikking staat, dan wordt deze in de figuur aangegeven (de "groene wolk" in de figuur).

Rotortoerental

Rotertoerental bij elke windsnelheid


De figuur hiernaast geeft de relatie tussen de windsnelheid (afgeleid uit de P-v-curve a.h.v. de opbrengst) en het rotortoerental. Ook hier zij met een "groene wolk" de op windturbine gemeten windsnelheden aangegeven.

Lden bij woning

Lden bij de woningen


Uit de Emissietermen van elke dag/avond/nacht kun je de Lden-waarde bij elke individuele woning berekenen. Hiertoe wordt de met Geomilieu bepaalde overdracht in rekening gebracht, zodat deze waarden exact in overeenstemming zijn met het geluidoverdrachtsmodel zoals dat tijdens vergunningverlening of melding toegepast is.

Activiteitenbesluit milieubeheer

Activiteitenbesluit milieubeheer

Besluit algemene regels voor inrichtingen milieubeheer”, ofwel kortweg het “Activiteitenbesluit milieubeheer” stelt regels voor inrichtingen, zoals ook windturbines en windparken:

Artikel 1.1: windturbine : een apparaat voor het opwekken van elektrisch of thermisch vermogen uit wind;

Artikel 1.11 lid 3: Bij een melding als bedoeld in artikel 1.10, wordt een rapport van een akoestisch onderzoek gevoegd indien:
a. de melding betrekking heeft op een of meer windturbines;

Artikel 1.11 lid 10: In afwijking van het negende lid wordt het akoestisch onderzoek voor windturbines of een binnenschietbaan uitgevoerd overeenkomstig de bij ministeriële regeling te stellen eisen (red: zie “Activiteitenregeling milieubeheer”).

Artikel 3.13: Deze paragraaf (par. 3.2.3) is van toepassing op een windturbine of een combinatie van windturbines.

Artikel 3.14a:
o Lid 1: Een windturbine of een combinatie van windturbines voldoet ten behoeve van het voorkomen of beperken van geluidhinder aan de norm van ten hoogste 47 dB Lden en aan de norm van ten hoogste 41 dB Lnight op de gevel van gevoelige gebouwen, tenzij deze zijn gelegen op een gezoneerd industrieterrein, en bij gevoelige terreinen op de grens van het terrein.
o Lid 2: Onverminderd het eerste lid kan het bevoegd gezag bij maatwerkvoorschrift teneinde rekening te houden met cumulatie van geluid als gevolg van een andere windturbine of een andere combinatie van windturbines, normen met een lagere waarde vaststellen ten aanzien een van de windturbines of een combinatie van windturbines.
o Lid 3: In afwijking van het eerste lid kan het bevoegd gezag bij maatwerkvoorschrift in verband met bijzondere lokale omstandigheden normen met een andere waarde vaststellen.
o Lid 4: In verband met een windturbine of een combinatie van windturbines waarvoor tot 1 januari 2011 een vergunning in werking en onherroepelijk was dan wel een melding was gedaan op grond van artikel 1.10, kunnen bij ministeriële regeling maatregelen worden voorgeschreven die ertoe leiden dat binnen een bij die regeling te bepalen termijn aan de norm van ten hoogste 47 dB Lden en ten hoogste 41 dB Lnight op de gevel van gevoelige gebouwen en bij gevoelige terreinen op de grens van het terrein wordt voldaan in die gevallen waarin uit het akoestisch onderzoek, bedoeld in artikel 1.11, negende lid, blijkt dat de geluidsbelasting die waarde overschrijdt.
o Lid 5: Bij de toepassing van het tweede lid wordt geen rekening gehouden met een windturbine of een combinatie van windturbines die behoort tot een andere inrichting waarvoor tot 1 januari 2011 een vergunning in werking en onherroepelijk was dan wel een melding was gedaan op grond van artikel 1.10.

Artikel 3.15:
o Lid 1: De metingen van de geluidemissie ter bepaling van de bronsterkte van een windturbine of een combinatie van windturbines worden uitgevoerd overeenkomstig de bij ministeriële regeling (red: zie “Activiteitenregeling milieubeheer”) te stellen eisen.
o Lid 2: De drijver van de inrichting registreert de bij ministeriële regeling (red: zie “ Activiteitenregeling milieubeheer”) te bepalen gegevens welke gedurende vijf kalenderjaren na dagtekening worden bewaard en ter inzage gehouden.

Activiteitenregeling milieubeheer

Activiteitenregeling milieubeheer

Regeling algemene regels voor inrichtingen milieubeheer”, ofwel kortweg “ Activiteitenregeling milieubeheer”.

Artikel 1.1: emissieterm LE: het jaargemiddelde geluidsvermogen dat door een windturbine wordt uitgestraald per octaafband i per beoordelingsperiode;

Artikel 3.11: Deze paragraaf (par. 3.2.3) is van toepassing op windturbines als bedoeld in artikel 3.13 van het besluit.

Artikel 3.14a: Het rapport van een akoestisch onderzoek, bedoeld in artikel 1.11, derde lid, van het besluit, bevat de volgende gegevens:
a. de naam van de opdrachtgever van het onderzoek;
b. de naam van de instantie die het onderzoek heeft uitgevoerd;
c. de datum van het onderzoek;
d. de aanleiding en het doel van het onderzoek;
e. de gegevens waarmee wordt aangetoond dat de betreffende situatie valt binnen het toepassingsbereik van de gebruikte methode;
f. indien een andere methode dan die is opgenomen in deze regeling wordt gebruikt, wordt de noodzaak daarvan aangegeven en wordt de toegepaste methode beschreven en verantwoord;
g. indien een rekenmethode wordt toegepast, alle ingevoerde gegevens en tevens de geraadpleegde windfrequentiegegevens;
h. een of meer kaarten of tekeningen op een zodanige schaal dat een duidelijk beeld wordt gegeven van bestaande of voorgenomen windturbines en van gevoelige gebouwen of gevoelige terreinen waarop het akoestisch onderzoek betrekking heeft;
i. de waarneempunten;
j. de situering, akoestisch relevante dimensies en de aard van de doorgerekende geluidsbeperkende of afschermende maatregelen, zowel op oorspronkelijk kaartmateriaal als in de vorm van de geschematiseerde computerinvoer;
k. de situering, akoestisch relevante dimensies en de aard van de overige geluidsreflecterende en -afschermende objecten of constructies;
l. de scheidingslijn of scheidingslijnen tussen akoestisch harde en zachte bodemvlakken, met een aanduiding van de aard van de bodem;
m. in akoestisch gecompliceerde situaties, een grafische weergave van de bij de berekeningen gehanteerde geometrische invoergegevens;
n. de bestaande en toekomstige geluidsbelastingen vanwege een windturbine of een combinatie van windturbines van de gevel van een gevoelig object of van de grens van een gevoelig terrein voor de situatie waarin geen maatregelen zijn genomen ter vermindering van de geluidsemissie of ter beperking van de geluidsoverdracht.

Artikel 3.14b:
o Lid 1: Ten behoeve van het akoestisch onderzoek, bedoeld in artikel 3.14a, wordt bij de bepaling van de geluidsbelasting van een windturbine of een combinatie van windturbines rekening gehouden met:
a. de over een kalenderjaar energetisch gemiddelde bronsterkte volgens de methode, bedoeld in hoofdstuk 3 van bijlage 4, en met gebruikmaking van het door het KNMI aangeleverde langjarig gemiddelde windprofiel op ashoogte, tenzij wordt aangetoond dat gegevens beschikbaar zijn die een beter beeld geven van de geluidsemissie van de windturbine of een combinatie van windturbines;
b. de invloed van de omgeving en de meteorologische omstandigheden op de geluidsoverdracht van de windturbine of een combinatie van windturbines naar het immissiepunt.
o Lid 2: Indien de vaststelling van de geluidsbelasting vanwege een windturbine of een combinatie van windturbines plaatsvindt op de gevel van een gevoelig gebouw, bevindt het immissiepunt zich op het punt van de gevel, waar de geluidsbelasting het hoogst is.
o Lid 3: Indien de vaststelling van de geluidsbelasting vanwege een windturbine of een combinatie van windturbines plaatsvindt op de grens van een gevoelig terrein, bevindt het immissiepunt zich op het punt van de grens waar de geluidsbelasting het hoogst is.
o Lid 4: Indien de geluidsbelasting van een windturbine of een combinatie van windturbines met andere geluidsbronnen (red: spoorwegverkeer, luchtvaart, industrie en (weg) verkeer) wordt berekend, wordt de rekenregel, bedoeld in hoofdstuk 4 van bijlage 4, toegepast.

Artikel 3.14c: Van de methode, bedoeld in hoofdstuk 3 van bijlage 4 (red: “3 Standaardrekenmethode”), kan geheel of gedeeltelijk worden afgeweken indien aannemelijk wordt gemaakt dat de toe te passen afwijking:
a. een belangrijke tijdbesparing of kostenbesparing oplevert en in de betreffende situatie nagenoeg even nauwkeurig is;
b. in de betreffende situatie belangrijk nauwkeuriger is, of
c. voldoende nauwkeurig is en de methode, bedoeld in hoofdstuk 3 van bijlage 4, in de betreffende situatie niet leidt tot een voldoende representatieve geluidsbelasting.

Artikel 3.14d:
o Lid 1: Indien de gegevens over het, van de windsnelheid afhankelijke, bronvermogen van een windturbine of een combinatie van windturbines niet of niet volledig beschikbaar zijn, wordt dit bepaald volgens de methode, bedoeld in hoofdstuk 2 van bijlage 4 (red: “2 Standaardmeetmethode”).
o Lid 2: Indien in het kader van de handhaving wordt beoordeeld of het bronvermogen overeenkomt met de in het akoestisch onderzoek gebruikte waarden, wordt de methode, bedoeld in paragraaf 2.6 van bijlage 4 toegepast.
BIJLAGE 4: par. 2.6. Handhaving:
Handhaving door middel van immissiemetingen is door de invloed van stoorgeluid en problemen ten aanzien van representativiteit niet goed mogelijk. Daarom worden handhavingsmetingen toegespitst op controle van het geluidsvermogen.

Het bepalen van het geluidsvermogen bij alle voorkomende windsnelheden kan tijdrovend zijn en is in het algemeen niet nodig. Daarom kan – ter beoordeling van het bevoegd gezag – worden volstaan met steekproefsgewijze controle van het geluidsvermogen. De uitvoering en uitwerking hiervan geschiedt conform de methode die in voorgaande paragrafen is beschreven, met uitzondering van het volgende: 
- Bij de te onderzoeken gehele waarde van de windsnelheid op ashoogte (index j) worden binnen een marge van ±0,5 m/s minstens zes metingen verricht met een duur van ten minste 1,0 minuut per meting.
- De totale A-gewogen niveaus worden beschouwd in plaats van octaafbandniveaus.
- Op de gemeten totale A-gewogen niveaus wordt lineaire regressie uitgevoerd, waarna het geluidsvermogen bij de gehele waarde van de windsnelheid op ashoogte(index j) wordt berekend.

Bij de bepaling van de windsnelheid op ashoogte wordt in principe uitgegaan van door de exploitant aan te leveren productiegegevens. De gegevens kunnen in veel gevallen extern worden getoetst door registratie van het rotortoerental.

Artikel 3.14e:
De drijver van de inrichting registreert de volgende gegevens:
a. de emissieterm LE, bedoeld in onderdeel 3.4.1 van bijlage 4, gebaseerd op de effectieve werking gedurende het afgelopen kalenderjaar
, en
b. de voor de duur van een handhavingsmeting als bedoeld in paragraaf 2.6 van bijlage 4 benodigde gegevens ter bepaling van de windsnelheid op ashoogte.


BIJLAGE 4: Reken- en meetvoorschrift windturbines
par. 3.4. De emissieterm LE
par. 3.4.1. De berekening
De emissieterm LE representeert het jaargemiddelde geluidsvermogen per octaafband dat door de turbine wordt uitgestraald. Het wordt berekend uit het windsnelheidsafhankelijke geluidsvermogen van de installatie, de lokale langjaargemiddelde windsnelheidsverdeling op ashoogte en de correctiefactor voor de richtwerking. De berekeningen worden uitgesplitst per dag-, avond- en nachtperiode. …(red: etc, formule).

Contact

Hebt u interesse hiervoor, of hebt u andere vragen, stuur een Email, of bel 030-2311377 en vraag naar Ton Kerkers.